In deze rubriek vind je een groeiende hoeveelheid persoonlijke plaatbesprekingen van vinyl albums. Op onregelmatige tijden voeg ik een LP recensie toe. Inclusief persoonlijke noot. Lekker lezen! Mike
With Love From … (1972) – Shocking Blue
Shocking Blue was de enige Nederlandse band die ooit een nummer 1 hit had in de Amerikaanse Bill Board Top 100. Het jaar is 1969, het nummer Venus. In de USA alleen gaan meer dan 1 miljoen exemplaren over de counter. Wereldwijd een kleine 6 miljoen. Neerlands trots, noem ik het. Het succes levert de bandleden in 1970 een ereburgerschap op in Den Haag. Het succes heeft ook zijn keerzijde. In 1971 wordt de band op Pink Pop weggefloten en met fruit bekogeld. Het publiek vind de band te commercieel voor het festival. Tsja…
Naast de studioalbums werden er door de band diverse verzamel LP’s uitgebracht. Op dit verzamelalbum uit 1972 geen hits of indertijd singels van de band maar een geweldige collectie songs dat een intimiteit ademt alsof je in de oefenruimte mee mag luisteren. De opnametechniek was eenvoudig en het talent om er achter de knoppen van het mengpaneel iets moois van te maken een kunst. En die eenvoud hoor je terug. En dan bedoel ik het pure ervan. Er waren geen elektronische instrumenten of digitale effecten om de boel mee op te pimpen. Alles werd analoog opgenomen met een 4 of misschien een 8 sporen bandrecorder. De microfoons, de versterkers en analoge effectbakken gaven het de – nu: vintage – sound. Heerlijk.
Op With Love From… hoor ik ronduit boeiende composities, fabuleuze gitaarloopjes en solo’s, niet standaard ritmes en aansprekende zangpartijen van de steengoede zangeres Mariska Veres in een sfeer die zijn tijd uitstekend representeert.
Neem de karaktervolle song Poor Boy, een oorspronkelijk in 1969 op het album ‘At Home’ uitgebracht emotioneel relaas in woord en klank. Een aansprekend zangarrangement en een melodie die goed tussen de oren blijft hangen.
Nog enkele songs van de eerder genoemde LP op deze verzamelaar waaronder Boll Weevil, I’ll Write Your Name Through The Fire en I’m A Woman. Laatste song met een citar-achtig snaarinstrument in de begeleiding, een instrument dat je eens vaker hoort in het repertoire van de band. Het geeft hiermee die songs een oosters tintje en doet tegelijk denken aan andere bands die een vergelijkbaar geluid in hun composities weefden. Ik noem de Yardbirds (die ook in herinnering komen bij de gitaarrif van I’m A Woman) en niet minder: The Beatles.
Daemon Lover, een track van het album Scopio’s Dance uit 1970. Ik hoor een gitaartokkel die aan cowboyfilms doet denken, simpele drums, bass en een orgeltje. Wat heb je meer nodig? Mariska Veres en een beetje achterzang. Dat. Een mooie, niet gecompliceerde compositie met akkoordovergangen die bevallen.
Zelf werd ik toch een beetje muzikaal verliefd toen ik voor de eerste keer naar deze LP luisterde. En vaker luisteren wordt dan vanzelf ‘houden van’. Als jij net als ik gek bent op die late 60’s / early 70’s: laat je dan eens blij verrassen door de muziek van de Nederlandse band Shocking Blue, bijvoorbeeld met deze verzamel Plaat voor je kOp!
Elastique (1988) – Stretch
Veel talent, groot ritmegevoel, composities die ik uniek noem. Heel eigen, met mooie ritmes en lekkere, soms gierende gitaren, stevige zang. De openingstrack – bijna hard rock – met gitaarklanken die doen denken aan Jimmy Hendrix nota bene. Psychedelische vleugjes komen eens meer voor op het album, hoewel in de kantlijn. Ik luister naar songs waarvan ik denk ‘was dit misschien een hit indertijd’. Dat kaliber dus.
Tot mijn verrassing blijkt dit album van Stretch veel mooier te zijn dan ik had verwacht. Ik kende alleen de hit ‘Why Did You Do It’. Na het gehele album beluisterd te hebben kom ik tot de vreemde conclusie dat dit misschien nog de minst interessante of de bijna minst mooie song van het album is. En juist die song was reden voor mij om de LP thuis te willen draaien. Maar als ik de andere tracks beluister, kom ik er achter dat dit een heus top rock album is. En dit had ik echt niet verwacht.
Kant 2 start opnieuw met harde rock, stevige gitaar en zang. Yes! Allen eigen composities op dit album. De Britse zanger gitarist Elmer Gantry schreef zo’n beetje alles. Wat een prestatie.
Why Did You Do It – de originele versie op dit album – is overigens een verwijzing naar Mick Fleetwood die na toezeggingen niet verscheen op tour met de “bogus Fleetwood Mac” band waar Elmer Gantry lid van was. Deze band werd indertijd door de manager van Fleetwood Mac op tour gestuurd nadat Fleetwood Mac uit elkaar was gevallen. Mick Fleetwood kwam echter niet opdagen en ontkende zelfs de band te kennen. Dit was voor Elmer Grant reden om er een song over te schijven. Een dikke hit werd het. Grappig toch? De tour werd uiteindelijk vervroegd beëindigd.
Maar wat een heerlijke rock LP is dit. Hoe vaker ik er naar luister, hoe mooier ik het vind. Een toppertje van Britse bodem. Tegen mijn verwachting in helemaal te gek. En zo ontdek je soms albums die je eerst niet kent en vervolgens niet meer wilt vergeten. Dit mag van mij alleen daarom al een beste Plaat voor je Kop! worden genoemd.
Bring The Familiy (1987) – John Hiatt
Een singer-songwriter met grote kwaliteiten die zijn sporen ronduit heeft verdiend. Een stem vol karakter en songs waar een amateur liedjesschrijver jaloers op wordt. Op dit album een prachtige collectie rock met blues invloeden..
Nadat ik mijn eerste album op CD kocht, Perfectly Good Guitar, dat tot mijn spijt niet op vinyl verscheen, was mijn liefde voor de muziek van John Hiatt gevestigd. Later vulde mijn platenkast zich langzamerhand met de oudere albums van mister Hiatt. En daar kreeg ik geen spijt van. Want het klinkt zó lekker. Deze man is expressief in woord en snaar. En dit mag ik graag horen.
Waarom heb ik dan juist dit album gekozen voor een plaatbespreking? Het had inderdaad net zo goed een ander album mogen zijn. Maar het geval wil dat ik John Hiatt eens live mocht beluisteren. Hij maakte gemakkelijk verbinding met het publiek en sprak persoonlijk. Zoiets wil je natuurlijk. Je ziet zo’n artiest waarschijnlijk maar één keer in je leven en dan scheelt het toch als niet alleen de muziek maar ook de persoon raakt.
De grootste hit van John Hiatt vind je op dit album. Have A Little Faith In Me. En het was juist die song die niet werd gespeeld voordat John het publiek einde avond bedankte. Maar ik vertrouwde het niet. Er stond namelijk een elektronisch keyboard pal vooraan op het podium. En daar had hij nog geen noot op gespeeld. Wat ik verwachte gebeurde natuurlijk. Het werd de afsluiter van de avond. Goed getimed, John. Het was genieten.
Deze bescheiden anekdote mag natuurlijk alleen bij dit album worden verteld. Maar dit hoeft je er zeker niet van te weerhouden om een ander album te beluisteren. Er gaat dan weinig mis.
John’s gitaarspel klinkt standaard solid als een rots. En met die slide er tussendoor heeft het tegelijk iets vloeibaars. Het zou mij niet verbazen als hij de gitaar al in zijn handen had toen hij uit de baarmoeder kroop. Die twee gaan gewoon top samen. En daarbij dat ruige stemgeluid dat zo herkenbaar uit zijn keel komt. Van John Hiatt en van niemand anders. Je herkent het meteen. De samenzang op het album doet het eveneens goed. Deze man lijkt zo gemakkelijk liedjes te schijven alsof hij een boodschappenbriefje maakt.
De songs worden met gevoel gezongen. Dit laatste hoor je speciaal in zijn ballads. Zo hoor je op dit album een mooie mix van ‘mooie liedjes’ en stevige rock. Heerlijk voor een avondje genieten van deze fantastische Amerikaanse muzikant. Met hoorbare invloeden van Bob Dylan. Hij bracht gemiddeld elke twee jaar een nieuw album uit. En dat vanaf 1974 waarvan de laatste in 2021. Geen kleine prestatie noem ik dit. John doet het, John kan het. En hiermee wat mij betreft een terechte Plaat voor je kOp!
London Town (1978) – Wings
Het album London Town beluisterde ik in mijn jonge jaren regelmatig. In de muziekwinkel had ik het akkoordenboek voor gitaar gekocht en ik mocht de songs graag spelen. Vooral het idylische I’m Carying omdat het op de gitaar zo lekker tokkelde.
Wat zijn het toch een mooie songs op dit album. Heel verschillend en van de meester songwriter zelf. En dat hoor je. Paul McCartney bracht met zijn band Wings negen albums uit waarvan twee verzamelalbums en in 1978 het album London Town. De Beatles waren in 1970 gestopt en hiermee waren Paul McCartney met onder meer zijn vrouw Linda (hoorbaar in de achtergrondzang) al zeven jaren op stoom met de band. Een meestal zoet pop-rock album met uitstapjes naar de folk en rock vat ik kort samen.
In de rocksong I’ve had Enough als ook in de andere rock songs klinkt Paul’s stem ruiger dan in de meer softe songs. Ik hou wel van een kraakje in de stem. Maar uiteindelijk presteert Paul McCartney natuurlijk vooral met het schrijven en zingen van ‘mooie liedjes’.
Cafe On The Left Bank noem ik heerlijke pop-rock met een prachtig intro en een solide lead gitaar. Children Children klinkt als een mix van Ierse folk en Buddy Holly. Dit laatste waarschijnlijk vanwege het stemgeluid dat hier toch gemakkelijk aan doet denken.
Instrumenten uit de klassieke muziek hoor je voorbij komen in de titel song. Het geeft het nummer iets Engels, iets klassenvols. De song London Town luistert als een typische McCartney compositie met elementen die aan The Beatles herinneren.
In With a Little Luck hoor je de elektronische toetsen rijkelijk. Famous Groupies een song waarin een Brits accent doorklinkt inclusief trillertje in de stem hier en daar. Heerlijke folk-pop met een verhaal in de songtekst.
Deliver Your Children – een van mijn favoriete songs van het album. Ook heerlijk om op gitaar te spelen, geef ik toe. De snaarinstrumenten doen het in elk geval goed op dit album en in deze song.
Name And Address wil ik beschrijven als een rock-a-billy song met een Elvis achtige vocal. Dit is misschien een knipoog naar de muziek die de Beatles helemaal in hun begintijd maakten. Het lijkt live opgenomen in de oefenruimte, wat intimiteit creëert.
Don’t Let It Bring You Down. Wat een prachtig song met mooie gitaarpartijen en fluitspel. De vocale melodie vind ik echt fantastisch en evenzo goed begeleid. Een heerlijke 70’s pop-rock song.
De uitsmijter van het album Morse Moose And The Grey Goose vind ik een smaakvol rocknummer. Paul plaagt zijn stembanden hoorbaar. Naast rock hoor je in deze song een schipperslied over een boot in nood. De twee stijlen gaan in elkaar over. Een kunstwerkje.
Voor wie verder wil luisteren dan The Beatles is het album London Town zonder meer een interessante LP om je woonkamer eens akoestisch mee te vullen. Er bestaan uiteraard meer mooie solo albums van The Fabulous Four. In een volgende Plaat voor je kOp! bespreek ik daarom graag nog een of misschien meer albums.
A Real Mother (1977) – Johnny Guitar Watson
Funk zoals je het wilt horen. En dan in de relaxte versie. Johnny zingt deels mee op de melodie van zijn lead gitaar, zoals George Benson dat ook zo mooi kan. Daarnaast hoor je hier en daar de voice box die zijn stem subtiel vervormt tot een synthesizer klank.
Zang, Gitaar, Fender Rhodes, Hammond orgel, synthesizer, wat doet Johnny niet op dit album? Nou, alleen voor de drums en het koperwerk zijn andere muzikanten aan het werk geweest. Wat je hoort is Johnny Guitar Watson uit alle groeven van de plaat.
En wat een prachtige hoes wordt met dit stuk dierbaar vinyl meegegeven. Johnny in een mini cabrio van hout omringd door zijn medemuzikanten. Zo leuk gek. Kom maar op met die muziek.
A Real Mother For Ya, de bekende funk hit van toen. Wat een heerlijk nummer is dit toch. Ik krijg er geen genoeg van. Ik vind dan ook eigenlijk dat iedereen dit nummer eens zou moeten luisteren.
De rest van het album ademt dezelfde stijl als de titelsong. En dat is helemaal niet vervelend, zeg ik er direct bij. De nummers lijken naar eerste indruk misschien wat op elkaar. Maar na een aantal keren luisteren proef je de variaties in de songs. Late night funky muziek om met je liefje op te dansen, te schuifelen en elkaar verliefd in de ogen te kijken.
Het eerste nummer van kant 2, Tarzan, doet onvermijdelijk denken aan het eerste nummer van kant 1, A Real Mother. Al is het maar omdat in het begin eenmaal dezelfde gitaar lick voorbij komt. Maar wat een te gek nummer is ook dit. En toch weer heel anders, eigenzinnig en in dezelfde (geweldige) stijl van het album. Een album met een heel eigen karakter daarmee.
Johnny’s zang klinkt losjes, in het moment met gevoel tot expressie gebracht. De songteksten wandelen door de muziek. Zang en muziek liggen dichtbij elkaar op dit album.
De LP moet na enige tijd opnieuw op mijn platenspeler belanden, om er super van te genieten, om mee te bewegen, mee te zingen zo mogelijk. Ik koos voor mijn verzameling voor een ‘Near Mint’ conditie van vinyl en hoes. De geluidskwaliteit is geweldig, kan ik zeggen. Echt genieten, deze Plaat voor je kOp!
Fly Like An Eagle (1976) – Steve Miller Band
Een mix van rock, blues, country en elektronische muziek. Zo zou ik de stijlen van dit album willen omschrijven.
Kant 1. Space Intro, de eerste track, gaat moeiteloos over in de titelsong. De muzikale reis is begonnen. Time keeps on slippin’ into the future. Een fascinerende zin uit de titelsong. Een verwijzing naar de ruimte, het universum, versterkt door de toen nieuwerwetse synthesizer klanken met een funky base in een meeslepende beat.
Wild Mountain Honey doet mij denken aan de muziek van The Beatles nadat zij India hadden bezocht en waarvan de invloeden duidelijk geïnfiltreerd raakten in het Britse goud dat The Beatles belichaamde. Maar als je luistert naar de albums van Steve Miller uit zijn begintijd in de zestiger jaren, dan herken je de psychedelische stijl die door luistert in deze song.
Mercury Blues: het op zich simpele akkoordenschema van de blues krijgt in deze song een geheel eigen karakter. Het is niet alleen het vette gitaar geluid maar niet minder de zang van meneer Miller die dit karakter voedt. Een leuke tekst ook, vind ik. Een waarin de liefde voor het Amerikaanse automerk wordt bezongen. Toevallig of niet is het ook de naam van het platenlabel.
Kant 2 gaat los met Take The Money And Run, de bekende hit met drumintro, het herkenbare slaggitaarloopje en natuurlijk het vocale ‘hoo, hoo’ alsof de stoomtrein het station afrolt. Dit klinkt lekker.
Rock’n Me, alweer die heerlijke gitaarklanken met mooie vocale melodielijnen hoorbaar in meerstemmige zang. Dit nummer past helemaal in de stijl van het album.
Meer Blues op deze kant van het vinyl. Sweet Mary laat smaakvol van zich horen. Miller kan het.
The Window, een song met opnieuw mooie vocale melodielijnen en een vermoedelijk Hammond orgel in de begeleiding. Soft pop-rock.
Voor een album uit 1976 blijft het mij verrassen hoe vernieuwend het album eigenlijk was indertijd. Professioneel goed, prachtige songs en met die elektronische spacy intro. Als ik het album niet kende dan had ik het ergens in de ‘80s geplaatst. Een Plaat voor je kOp!? Zeker weten.
Rumours (1977) – Fleetwood Mac
Moet ik het doen? Een plaatbespreking van misschien wel het allerbeste pop-rock album aller tijden? Zal ik het doen? Weet, ik lees nooit plaatrecensies. Ik schrijf ze hier bij gelegenheid. Mijn enthousiasme voor goede muziek uit glorieuze tijden is mijn enige alibi. Maar dit album… daar valt toch helemaal niets aan toe te voegen. Wat een steengoed album! Daar is het eigenlijk mee gezegd, wat summier, geef ik toe.
Vooruit Let’s do it.
Hoe dit album, opgenomen ten midden van echtelijke ruzies, een meesterwerk is geworden. Dit is hier eerst de relevante vraag. Ik weet (als amateur liedjesschrijver) dat tegenslagen in het leven tot creatieve hoogtepunten kunnen leiden. Je legt je pure gevoel in een lied, in een instrument, in een missie om een album te voltooien met alles wat je in je hebt. Je wilt dit, je voelt het, het moet eruit. Ik vermoed dat dit de drijvende kracht is geweest voor het succes van dit album.
Het album bestaat uit 11 songs die in mijn huiskamer de afgelopen decennia talloze keren zijn beluisterd. De songs laten niet los. Met name Stevie Nicks, wat een fabuleuze zangeres! Van rock tot gevoelige ballads, het is pure schoonheid dat mijn trommelvliezen betovert.
Een nummer speciaal benoemen lukt mij nauwelijks. Door de jaren heen heeft The Chain op mij met misschien een honderdste voorsprong net iets meer indruk gemaakt dan de andere songs. Mogelijk door het akoestische intro – zoiets raakt een gevoelige snaar. Letterlijk.
Alle leden van de band tonen aan dat het mogelijk is om in het heetst van de strijd de gevoelens samen te brengen in muziek van een zeldzame, bijna eenzaam hoge klasse.
Nu zou ik misschien nog enkele andere albums kunnen noemen waar ik iets soortgelijks over zou kunnen schrijven, maar ik doe het niet. Ik zeg luisteren die LP. Als je dit niet al honderd keer hebt gedaan en zelfs dan. Een absoluut on-vervelende Plaat voor je kOp!
Diamonds And Pearls (1991) – Prince
Als het de jaren negentig aangaat dan moet ik persoonlijk eerst denken aan Prince, hoewel zijn carrière eind jaren ’70 aanving. Een artiest van een zeldzaam niveau, super creatief, alles uit de kast halend in geluid, beeld en optredens om die ene onvergetelijke indruk te maken: uniek zoals Prince dat kan.
Geen echte Prince kenner, ben ik. Enkele albums heb ik beluisterd maar ik kon mijn ‘draai’ niet echt vinden. Maar met Diamonds and Pearls kwam ik vlot tot de conclusie dat ik dit toch een geweldig dubbel album vind. Het hele album door funky soul in prachtige melodielijnen en swingende ritmes. Als ik luister kan ik niet stil zitten. De krachtige muzikale expressie, de achtergrondzang, de elektronische instrumenten, de karakteristieke zang en herkenbaar gitaarspel van Prince: het is compleet. Het klopt.
Naast de titelsong is er meer moois. Cream is natuurlijk een nogal sexuele song. Maar Prince straalt nu eenmaal seks uit in geluid en beeld. Wat een heerlijke dreunende drum en bass met subtiele fill-inn’s van andere instrumenten en goed getimede achtergrondzang. Prince’s stem zo eigen. Je herkent het meteen.
Money Don’t Matter 2 Night: mooie melodieën in een dromerige relaxte sfeer. Willing and Able, geen origineel maar tegelijk een prachtige soul cover. En zo veel meer moois op deze dubbelaar.
Het Album Purple Rain uit 1984 is waarschijnlijk bekender dan dit album en tezamen met de gelijknamige film een niet te vergeten creatieve topprestatie. Maar als ik moest kiezen en ik één van de twee albums naar een onbewoond eiland mocht meenemen (met een platenspeler ga ik vanuit) dan ga ik zeker voor deze diamante Plaat voor je kOp!
Elton John (1970) – Elton John
Het mogelijk bijna vergeten hoogtepunt en startpunt van een grootse muzikale carrière. In mijn smaak het mooiste album dat Elton John uitbracht: het (min of meer) debuut album uit 1970 met gelijknamige titel ‘Elton John’. Een jaar eerder werd ‘Emtpy Sky’ uitgebracht. 1970 kwam de doorbraak.
Muzikant ontmoet tekstschrijver. Laatste, Bernie Taupin gaf met zijn songteksten Elton John precies die inspiratie om songwriter juweeltjes te maken. Het album verklapt een grote dosis muzikale creativiteit dat lijkt te zijn opgespaard om in één adem tot bloei te komen.
Het karakter van dit album laat zich maar lastig kort beschrijven. Vooral omdat de songs toch heel verschillend zijn. Hoewel stuk voor stuk van een pure schoonheid en emotie. Elton’s passievolle pianospel tezamen met vioolpartijen, krachtige drums en zelfs: een harp. Dit zelden in pop-rock muziek gebruikte snaarinstrument laat geen vergeten indruk achter. Een magnifieke keuze voor dit album, meen ik. Elton John’s zang verveelt geen moment.
Het album heeft duidelijk klassieke elementen, soul invloeden zijn ook onmiskenbaar.
Het nummer “First Episode At Hienton” doet mij wegdromen, vangen in een droom met cineastische beelden van een historische roman. Het openingsnummer van kant 2: “Sixty years on”. Het hoge kippevelgehalte houden de haartjes op mijn arm scherp. Ik laat mij meeslepen. Of luister eens naar ‘The king is dead’: een intrigerend muzikaal thema gecombineerd met een songtekst die mijn gedachten opnieuw richting de middeleeuwen doen afdwalen.
“Take me to the pilot” de rauwe rock song met krachtige pianotoetsen en imponerende drums. Die elektrische gitaar zou ik bijna vergeten maar dan vooral omdat deze geen hoofdrol speelt. De koorzang daarbij… het zijn alle elementen bij elkaar die deze song moeiteloos doen exploderen.
Latere songs van Sir. Elton John kunnen mij persoonlijk toch minder beroeren. Niet beroerd bedoeld uiteraard, maar juist een groot compliment voor dit album. Hoewel er ook later mooie popsongs volgden natuurlijk. Maar zo goed als dit album uit 1970 werd het in mijn smaak niet meer.
“Your Song” de meeste bekende track van het album, behoeft natuurlijk geen toelichting. Iedereen kent het.
Tot slot een gemeende tip: luisteren die LP. En dan bedoel ik niet de latere uitgave met bonus tracks. B-keuzes voegen niets toe aan dit meesterwerk. Zoiets zou eigenlijk verboden moeten worden, maar wat doe je eraan. Ga terug naar 1970, naar waar het succes begonnen is en ontdek de unieke kwaliteiten van deze Plaat voor je kOp!
Let’s Dance (1983) – David Bowie
De Britse muzikant David Bowie heeft tijdens zijn leven 26 solo albums uitgebracht. Dit naast nog eens vele andere albums met bijvoorbeeld Tin Machine en van diverse films waarin hij soms zelf een rol speelde. Gezien het meesterlijke niveau van zijn creatieve uitspattingen is het niet eenvoudig om er één album uit te pikken voor een plaatbespreking. Vandaag heb ik gekozen voor zijn waarschijnlijk meest geliefde album Let’s dance.
De muziek van de jaren ’80 was volop van start gegaan om nieuwe geluiden te ontdekken. De pop-rock muziek was al hoorbaar veranderd ten opzichte van de jaren ‘70. Bowie had in 1983 zijn sporen al ruimschoots verdiend. Hij liet de wereld met dit album opnieuw horen toonaangevend te zijn in het creëren van muziek. Rock met sporen van dansbare Disco-pop en New Wave vormde een nieuw geluid en deed de populariteit van de artiest tot icoon hoogte doorstijgen.
Hits die iedereen kent op dit album. Naast de bekende titelsong, het eigenzinnige China Girl, waarvan de – mag ik in de sfeer van die tijd zeggen: ‘shockerende’ – videoclip nog vers in het geheugen ligt. Een song die overigens al eens in 1977 zonder succes was uitgebracht door Iggy Pop: naast Bowie mede auteur van de song.
Het album Let’s Dance is zo populair gebleken dat het zijn meest verkochte album werd. Voor wie Bowie’s eerdere muziek niet kent kan dit misschien een aansporing zijn om eens meer albums (vooral de eerdere) te gaan beluisteren. Basiskennis voor de muziekliefhebber, wil ik het noemen.
Stevie Ray Vaughan, de voor dit album bereid gevonden lead gitarist verdient bijzondere vermelding: de misschien wel meest talentvolle gitarist van de vorige eeuw, die helaas veel te vroeg aan zijn einde kwam. Stevie’s snarenspel is wat mij betreft de kers op de taart van dit album. Saillant detail noem ik dat voor de live uitvoeringen van Let’s Dance gekozen werd voor een andere lead gitarist. Het was een tweede keuze. Niet omdat Stevie niet wilde optreden, maar vooral omdat het management van Bowie de genieuze gitarist niet wilde vermelden in de aankondiging van de concerten. Dat geschil kon blijkbaar niet worden opgelost. Maar wat een feest is het om op dit album Stevie’s licks te horen in samenwerking met de wellicht grootste creatieveling uit dit tijdperk. Hoewel dit het eerste album was waarop David Bowie zelf geen instrument bespeelde.
In conclusie een nog altijd door velen geliefd album, niet zelden te vinden op het wensenlijstje van onze twintigers ook. Ik weet het, het album heeft geen reclame nodig. Desondanks een vette Plaat voor je kOp!
The Game’s up (1980) – Sniff ‘n’ The Tears
De meeste mensen zullen maar één song van deze Britse band kennen: de hit ‘Drivers seat’. Op dit album staat naar mijn weten geen bekende hit, maar een reeks karaktervolle late night pop-rock songs. Eerst is het de vocale X-factor van lead singer Paul Roberts die opvalt. De licht distorted lead-gitaar voegt hier een eigen sausje aan toe. De composities net zo ‘eigen’. Ik ken geen band die op dit geluid lijkt.
“The Game’s Up” de titelsong. Een heerlijke opening van het album. Beweeglijke muziek meteen. De zang en gitaren met lage toms van de drums: serieuze pop-rock van Britse bodem.
“Rodeo Drive” een van de songs en voor mij tegelijk een persoonlijke herinnering omdat ik eens in deze bekende straat was. Het is California, Los Angeles, regio Holywood. De straat waar celebraties in luxe auto’s langs cruisen. Waar je een stijlloze geklede Amerikaan zich op skates ziet haasten om het groene stoplicht te halen. De straat waar een bruine auto rondrijdt met een enorme chocolade donut op het dak.
De song begint met geluiden van stadse sferen gemaakt in de periode waarin de synthesizer zijn intreden heeft gedaan. Het basloopje geeft het een vlotte vibe. De song bezingt de nacht en ik meen uiteindelijk dat het gehele album de nachtsfeer ademt. En daar houd ik persoonlijk wel van. Niet elke muziek doet het evengoed overdag. “Nightlive” de zingende lead gitaar naast die opvallende stem alweer. De nacht komt door.
Mijn liefde voor dit album is niet gestopt sinds ik het voor het eerste hoorde. De LP gaat in mijn huis al jaren mee en wordt met enige regelmaat opnieuw op de draaitafel gelegd. Een ondergewaardeerd album, naar mijn mening. Misschien zijn het de betoverende lead gitaarsolo’s. Of moet je er een paar keer naar luisteren voordat het kwartje valt. Omdat het ‘anders’ is en onbekend, mogelijk. Maar zeker geen oninteressante Plaat voor je kOp! hiermee. De LP wordt meestal voor maar weinig aangeboden en misschien ook daarom een tip waard.
Tapestry (1971) – Carole King
Carole King, niet iedereen zal haar kennen. Haar muzikale doorbraak op Woodstock of de documentaire die over haar is gemaakt, misschien heb je die gehoord of gezien?
Carole King, ik wil haar naam nog eens schrijven. Omdat ik zoveel respect voor haar song-writing heb. Wat een mooie folk-pop-rock met hier en daar die blue note. Stuk voor stuk prachtige songs. En niet de minst succesvolle liedjes ook. Zeker twee solide hits op dit album die daarna enthousiast gecoverd werden door andere artiesten.
You’ve got a friend. Wie wil dit niet van iemand horen als je het eens moeilijk hebt en alleen bent? Wat zij hier bezingt raakt mij elke keer als ik het hoor. Op dit album de originele versie: zang met piano.
(You Make Me Feel Like) A Natural Woman, wist je dat dit geschreven was door Carole King tezamen met twee andere muzikanten? She did it. Een opname met rauwe piano. Rock met een Soul rand.
Maar of je nu naar ‘Tapestry’ uit 1971 of naar het album ‘Simple Things’ uit 1977 luistert: allen songs om van te houden. Laat je meenemen in de verhalen die ze zingt en op prachtige composities aan je oren worden gelegd. Wat een goede componist en liedjeschrijver. En dan ook nog zelf zingen én spelen. Respect.
Ik wil haar niet de beste zangeres noemen. Carole King klinkt hier en daar een beetje gewoontjes misschien. Maar tegelijk eerlijk, integer, liefdevol met een kwetsbaar randje. Menselijk. Daarnaast is ze een steengoede pianist in haar genre. Ze speelt dynamisch, krachtig als het moet. Haar songs doen je afvragen of ze deel van de familie is misschien. Een muzikale tante, wie zal het zeggen? Ze voelt ‘dichtbij’ en dat is zeker een kracht van een goede artiest. Intimiteit creëren met je luisteraars. Het is een kunst. En Carole King beheerst die kunst als een koningin.
The Turning Point (1969) – John Mayall and The Bluesbreakers
John Mayall – vocals and bluesharp
Johny Arton tenor, alt and flutes
John Mark accoustic finger style guitar
David Thomson – bass
Waarom zou ik in naam der muzen willen schrijven over een album van John Mayall? Die man is toch dood inmiddels? Alsof wij het daar nog over zouden moeten hebben. Had ik niet beter een album van Deep Purple of Pink Floyd kunnen kiezen? Of de Stray Cats desnoods?
Nou dat zit zo. Een goedlachse man met een niet alledaagse passie – wellicht halve bezetenheid – om overal met iedereen en altijd blues te maken, zo’n man was John Mayall. Ik zag meneer Mayall met band eenmaal live in de Groningse Oosterpoort. Ik stond vooraan en – ik moet toegeven – knapte eigenlijk ontzettend af op zijn totaal niet stoere Ekko schoenen. Als ik mijn herinneringen mag geloven, luisterde ik daarna toch een stukje minder naar meneer Mayall. Maar dit is bijzaak. Terug naar de hoofdzaak.
The Turning Point was een in mijn jonge jaren pas later beluisterd album. Het begon voor mij met de vroegere zestiger jaren albums: samen met Eric Clapton, Jeff Beck, Peter Green en zo heel veel anderen. Blues in vele kleuren en samenwerkingen. Ik wist een VHS-videoband te bemachtigen waarop een optreden uit 1983 van John Mayall met gasten als Mick Taylor, Mick Fleetwood, Buddy Guy, Junior Wells en Sippy Walace welke laatste met ondersteuning het podium op werd geholpen om haar krakende, rouwe stem met de zaal te laten delen. Dit was serieuze blues.
In 1984 verbleef ik enkele weken met mijn vader in de U.S.A. Op een vroege zondagochtend liep ik alleen door de verlaten straten van Manhattan totdat ik bij de zo-groot-als-een-supermarkt platenzaak Tower Records aankwam. Spontaan voelde ik dat mijn walkman muzikale voeding nodig had. Naast Steve Miller en namen die ik vergeten ben luisterde ik al walkmannend naar John Mayall’s ‘Looking Back’ – inclusief de overeenkomstig getitelde song met kronkelende lyrics. Op een pas vijf jaren geleden aangeschafte vinyl dubbelaar met dezelfde titel bleek het titelnummer onverwacht afwezig. Ik was teleurgesteld. Pas jaren na mijn kennismaking met ‘Looking Back’ ontdekte ik ‘The Turning Point’. Het album stond onvermijdelijk direct op mijn persoonlijke nummer 1 van favoriete LP’s.
Het album. Het is 12 juli 1969 Manhattan. Vier muzikanten, alles akoestisch en analoog opgenomen voor een zaal met stille getuigen. Een unieke mix van jazz en blues vult de zaal. De bassist legt met zijn lage basloopjes en zwevende vloer waarop alles vloeibaar wordt. John Mark’s talent voor de gitaarsnaren is een bloemenveld voor de oren en Johny speelt zijn tenorsax totdat de hemel al improviserend naar beneden komt. Mayall’s herkenbare stem weeft – waar nodig – de draadjes aan elkaar. Op bluesharp gaat hij helemaal los tijdens ‘Room to move”. De song ‘Thoughts about Roxanne’- mijn muzikale liefde van dit album – maakt het palet van dit album voor mij compleet.
Voor dit album wil je rustig gaan zitten, de lichten dimmen, wijntje met stukje Belgisch of Franse kaas (op temperatuur), glas bijvullen als kant B opgezet mag worden. Dat. Niemand laten storen, ogen dicht totdat je helemaal mee wordt getrokken in de muziek. Het wordt een bijzondere avond. Een Plaat voor je kOp! hiermee: een aanrader voor wie de late 60’s jazzy randen van de blues wil ontdekken.